Archief Joop van Tijn

Het Persmuseum herbergt vele honderden belangrijke archieven op het gebied van journalistiek en pers. Het archief van Joop van Tijn dat op 9 april 2015 officieel werd overgedragen, is een van de belangrijkste. Het omvat ruim 11 meter aan materiaal : algemene stukken als correspondentie en blocnotes, persoonlijke stukken als bril en telefoon en stukken betreffende zijn werk als journalist en radio- en televisieman. Enkele markante stukken zijn hier te zien.

Joop van Tijn (Batavia, 12 september 1938 – Amsterdam, 2 september 1997) studeerde geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en schreef voor het roemruchte studentenblad Propria Cures. In 1961 werd hij bij de Haagse Post aangenomen, waar de bekendheid van zijn interviewkwaliteiten groeide. In 1965 trad hij in dienst van Vrij Nederland, waar hij vanuit een diepgewortelde wens ‘de macht te ontrafelen’ vooral schreef over binnenlandse en buitenlandse politiek. In 1985 werd hij adjunct-hoofdredacteur van ‘de krant’ zoals hij VN zelf noemde en vanaf 1991 samen met Rinus Ferdinandusse hoofdredacteur.

Naast zijn journalistieke werk trad Van Tijn op in spraakmakende televisieprogramma’s als ‘Zo is het toevallig ook nog eens een keer’, ‘Haagsche Kringen’ en ‘Het Capitool’ (de voorloper van Buitenhof) en was hij bijna een kwart eeuw gespreksleider van het radioprogramma ’Welingelichte Kringen’. Vanwege zijn status als mediapersoonlijkheid werd hij veelvuldig gevraagd als presentator, dagvoorzitter, spreker en jurylid.

Terug naar overzicht